Ik ben geboren in Feijenoord en woonde in verschillende Rotterdamse wijken. Ik ken de stad op mijn broekzak. Mijn vader overleed toen ik twaalf was. Thuis was het daardoor niet altijd makkelijk. Ik werkte op het platteland, in fabrieken en magazijnen om te helpen de eindjes aan elkaar te knopen. Dankzij hard werken én een sterke overheid werd ik de eerste in mijn familie die via de havo, naar het hbo en naar de universiteit ging.

Nu ben ik bestuursadviseur bij Woonstad Rotterdam, een woningcorporatie met 55.000 woningen in de stad. In mijn vrije tijd zet ik mij in voor mijn wijk als voorzitter van de medezeggenschapsraad van basisschool De Triangel en als bestuurslid van de bewonersvereniging Oud-Charlois. Dat doe ik omdat ik vind dat iedereen fijn en betaalbaar moet kunnen wonen, in een gezonde stad en een prettige wijk. Het mag niet uitmaken waar je wieg staat: als het tegenzit, moet je kunnen rekenen op een overheid die je ziet, je helpt en je weer op weg brengt.

“ In een ongelijke stad moet je ongelijk investeren! ”

Op mijn werk zie ik dagelijks hoe de woningcrisis diepe littekens achterlaat bij heel veel Rotterdammers. Jongeren kunnen niet op zichzelf wonen, ouderen kunnen niet doorstromen en stelletjes kunnen geen gezin starten. Daarnaast wordt ook het beschikbare geld op een zeer oneerlijke manier verdeeld. Op mij kun je bouwen om een stad te creëren waar je fatsoenlijk en betaalbaar kunt wonen en leven, of je nu huurt of koopt. Ik knok voor:

  • Meer betaalbare woningen voor gewone Rotterdammers. Oud en jong. Werkend of met pensioen. Met een goede of een kleine portemonnee.
  • Eerlijke verdeling van het geld in de stad: extra investeren waar de problemen het grootst zijn.
  • Wijken die schoon, groen en veilig zijn, met goed openbaar vervoer en sterke scholen.
  • Een gemeente die niet opgesloten zit in hoge flatgebouwen, maar dichtbij bewoners in de wijk vindbaar is om problemen op te lossen en aanspreekbaar is.